Foto boven: De binnenstad van Enschede in 1945
"Het is donker en triest op dezen Paaschmorgen. Dikke wolken jagen over de esschen en een trage regen sijpelt naar beneden. Geen Paaschweer en geen weer voor een bevrijding en toch mag Twente vandaag het grote nieuws met reden verwachten." Zo beschreef een redacteur van Het Parool de dag van de bevrijding van Enschede.
De bevrijders van Enschede kwamen via het zuiden de stad binnen: na Winterswijk, Eibergen en Haaksbergen werd Enschede op 1 april 1945 door de Engelse bataljons ontzet.
Vóór de bewuste dag was de stad meerder doelwit van bombardementen, een teken dat de bevrijding een kwestie van aftellen was. Op zaterdag 31 maart zagen de Enschedeërs de Duitse troepen terugtrekken richting Oldenzaal en de grens. Iedereen werd zich bewust dat de bezetting eindelijk in zicht was.
In de euforie zijn helaas ook enkele belangrijke leden van het Enschedese verzet door verraad de dood ingejaagd. Een door een verrader belegde vergadering van lokale kopstukken uit het verzet werd een bloedbad. Ook ds. Overduin was uitgenodigd, maar bleef weg nadat hij diezelfde dag uit de 'dodencel' in de Synagoge was vrijgelaten. Hij vertrouwde het niet.
De bevrijding van Enschede was de volgende dag, Paaszondag 1 april 1945, een feit. Het Britse 2e Leger, samen met enkele commando's van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten, had binnen 24 uur de slag gewonnen.

Het laatste nummer
van de Vliegende Hollander (19-5-1945)